Op deze site schrijf ik over mijn persoonlijke belevenissen op weg naar mijn ultieme droom: een Roman uitbrengen. Je helpt me door te reageren en feedback te geven! --- Michiel Cobben ---
donderdag 11 maart 2010
Lul.
Als snelle zakenman kun je veel aan. De hele dag heb je een mobiele aan je oor, je bedenkt plannen en voert ze uit, je stuurt en ontvangt facturen. Druk, druk, druk en toch nog tijd om met je kinderen te spelen en sociaal bezig te zijn. Scherp als je bent als zakenman vallen je altijd dingen op. Zoals de blonde mevrouw die een kind in groep 8 heeft zitten en die je nu ook bij de kleinsten van groep 1 een kind ziet wegbrengen. Dat valt je allemaal op als snelle zakenman, hyperalert als je bent, altijd net even iets scherper dan je concurrent, dat werk. En je maakt een praatje met haar, want daar moet je ook tijd voor maken. Je mobiele heb je in de stilstand staan, die is op het schoolplein niet nodig en bovendien heb je nog 37 minuten voor je eerste meeting en met een beetje mazzel staat er onderweg maar voor 34 minuten file.
'Leuk en wat een kleintje nog. Echt een schatje' zo begin je. Complimentjes die je aan moeders geeft gaan over hun kinderen. Dat is netter, beleefder, minder confronterend en minder bedreigend en dat weet je.
'En wat een opmerkelijk leeftijdsverschil, echt heel leuk' voeg je er nog aan toe, klaar om deze kleine sociale verplichting af te vinken van je 'to-do' lijstje van die dag.
'Ja, er zat er nog een tussen' zegt de blonde vrouw. 'Maar daar hebben we op driejarige leeftijd afscheid van moeten nemen'.
'Oh, aha, jaja' zeg je. 'Nou fijne dag nog, ik moet rennen' je loopt door want er komt een SMS binnen, dat kon wel eens belangrijk zijn. Je bent een lul.
'Leuk en wat een kleintje nog. Echt een schatje' zo begin je. Complimentjes die je aan moeders geeft gaan over hun kinderen. Dat is netter, beleefder, minder confronterend en minder bedreigend en dat weet je.
'En wat een opmerkelijk leeftijdsverschil, echt heel leuk' voeg je er nog aan toe, klaar om deze kleine sociale verplichting af te vinken van je 'to-do' lijstje van die dag.
'Ja, er zat er nog een tussen' zegt de blonde vrouw. 'Maar daar hebben we op driejarige leeftijd afscheid van moeten nemen'.
'Oh, aha, jaja' zeg je. 'Nou fijne dag nog, ik moet rennen' je loopt door want er komt een SMS binnen, dat kon wel eens belangrijk zijn. Je bent een lul.
woensdag 10 maart 2010
Wielrentip nr 17.
Fietsen is een wonderlijke sport. Ik ken geen andere sport waarbij je zowel een teamprestatie als een individuele prestatie ten kost van je team neerzet. Dit komt door de aerodynamica van een groep (ik bedoel hier de letterlijke aerodynamica, het effect dat hoe verder vooraan je fietst deste zwaarder het wordt) en door de psychologische belasting van het 'afzien'. Hier zijn boeken over vol geschreven (De Renner van Tim Krabbe schijnt dé klassieker in dit genre te zijn, ik heb het nog nooit gelezen maar ben binnenkort jarig, hint hint).
Neem afgelopen zondagochtend.
'Ga jij maar op kop' zei W., de officieuze wegkapitein van Gooische Wielerclub 'Venga Venga' tegen A., die het zwaar had.
Op kop gaan is een voordeel en een nadeel. A. kreeg hier de kans het tempo te drukken zodat hij kon recupereren, maar wat deed hij? Hij wilde zich niet laten kennen en ging in een moordtempo aan kop van de groep sleuren. Met als gevolg dat hij, toen hij echt niet meer kon, links en rechts werd ingehaald en uiteindelijk zelfs afhaakte.
Net zoals Holland Casino speltips geeft aan hun klanten, zo zou Wielrentip nr. 17 kunnen zijn: 'Weet wanneer je moet bluffen'.
Neem afgelopen zondagochtend.
'Ga jij maar op kop' zei W., de officieuze wegkapitein van Gooische Wielerclub 'Venga Venga' tegen A., die het zwaar had.
Op kop gaan is een voordeel en een nadeel. A. kreeg hier de kans het tempo te drukken zodat hij kon recupereren, maar wat deed hij? Hij wilde zich niet laten kennen en ging in een moordtempo aan kop van de groep sleuren. Met als gevolg dat hij, toen hij echt niet meer kon, links en rechts werd ingehaald en uiteindelijk zelfs afhaakte.
Net zoals Holland Casino speltips geeft aan hun klanten, zo zou Wielrentip nr. 17 kunnen zijn: 'Weet wanneer je moet bluffen'.
maandag 8 maart 2010
De geheimzinnige Kurzweil formule
ABN AMRO verleidde mij met een uitnodiging voor een seminar ter ere van de presentatie van een rapport waarin ze voorspellen dat in de arbeidsbemiddeling nog voor de zomer een nieuwe faillisementsgolf plaats gaat vinden. Interessant. Ik ben benieuwd of mijn kleine, bescheiden onderneming in die golf meegesleurd gaat worden en verzin alvast een paar redenen waarom ze er naast zitten. De toekomst voorspellen is namenlijk niet aan banken gegeven.
Ik word toch een beetje zenuwachtig als de inspirator van het rapport wordt aangekondigd. Dat blijkt namenlijk Dr. Raymond Kurzweil te zijn, futuroloog en auteur van verscheidene boeken waarin hij op basis van wiskundige algorithmen de toekomst voorspelt. Slimme jongen dus en blijkens zijn Wiki pagina heeft hij machtige vrienden, waaronder Bill Clinton en Bill Gates.
Het seminar is saai en ik hoor niets nieuws. Ik blader door de documentatie en lees het indrukwekkende CV van Kurzweil. Dan lees ik dat zowel zijn grootvader als zijn vader op 59-jarige leeftijd stierven aan een hartaanval. Allebei. Ik zou ook futuroloog worden met zo'n verhaal. En die Kurzweil zelf is nu.. even rekenen, 62 jaar. Gelukkig, hij heeft de trend doorbroken. En ik? Ga ik mijn grootvader achterna en mijn vader? Hoe lang mag ik nog genieten op dit ondermaanse? Ik pak mijn rekenmachientje.
'De vraag is natuurlijk welke partijen de aanstaande shake-out overleven en welke niet' oreert Han Mesters van ABN AMRO. Tientallen donkere pakken kijken hem aan, in hun ogen zie ik het verlangen naar de borrel. Ondertussen kijk ik naar het schermpje op mijn rekenmachientje waar ik zojuist de Kurzweil formule heb ingevoerd.
'Ik moet naar huis, mijn vrouw, mijn kinderen,' ik huil en ik gooi mijn papieren in de lucht. 'mamaa, ik wil naar hui, hui, huis' huil ik, hardop nu. Ik word door alle pakken aangekeken.
'Meneer Cobben, gaat u alstublieft naar huis' antwoordt Mesters. En vergeet u het onderzoeksrapport niet en de attentie van de ABN AMRO Bank, ze liggen bij de uitgang'
Terwijl ik de deur achter me dichtsla hoor ik hem zeggen: 'Ik geloof dat we de vorige vraag al een beetje aan het beantwoorden zijn'
Ik word toch een beetje zenuwachtig als de inspirator van het rapport wordt aangekondigd. Dat blijkt namenlijk Dr. Raymond Kurzweil te zijn, futuroloog en auteur van verscheidene boeken waarin hij op basis van wiskundige algorithmen de toekomst voorspelt. Slimme jongen dus en blijkens zijn Wiki pagina heeft hij machtige vrienden, waaronder Bill Clinton en Bill Gates.
Het seminar is saai en ik hoor niets nieuws. Ik blader door de documentatie en lees het indrukwekkende CV van Kurzweil. Dan lees ik dat zowel zijn grootvader als zijn vader op 59-jarige leeftijd stierven aan een hartaanval. Allebei. Ik zou ook futuroloog worden met zo'n verhaal. En die Kurzweil zelf is nu.. even rekenen, 62 jaar. Gelukkig, hij heeft de trend doorbroken. En ik? Ga ik mijn grootvader achterna en mijn vader? Hoe lang mag ik nog genieten op dit ondermaanse? Ik pak mijn rekenmachientje.
'De vraag is natuurlijk welke partijen de aanstaande shake-out overleven en welke niet' oreert Han Mesters van ABN AMRO. Tientallen donkere pakken kijken hem aan, in hun ogen zie ik het verlangen naar de borrel. Ondertussen kijk ik naar het schermpje op mijn rekenmachientje waar ik zojuist de Kurzweil formule heb ingevoerd.
'Ik moet naar huis, mijn vrouw, mijn kinderen,' ik huil en ik gooi mijn papieren in de lucht. 'mamaa, ik wil naar hui, hui, huis' huil ik, hardop nu. Ik word door alle pakken aangekeken.
'Meneer Cobben, gaat u alstublieft naar huis' antwoordt Mesters. En vergeet u het onderzoeksrapport niet en de attentie van de ABN AMRO Bank, ze liggen bij de uitgang'
Terwijl ik de deur achter me dichtsla hoor ik hem zeggen: 'Ik geloof dat we de vorige vraag al een beetje aan het beantwoorden zijn'
vrijdag 5 maart 2010
Waarde Almeerderianen en Hagenezen,
Dank aan yelloman1.blogspot.com voor de foto
'Waarde Almeerderianen en Hagenezen,
Nederland kan niet meer om ons heen. We worden straks de grootste partij van Nederland en ik zal u vandaag mijn toekomstscenario ontvouwen. De islamieten zijn inmiddels stevig geinfiltreerd in de traditionele politieke partijen, in de hoop dat we hun achterlijke gewoontes zoas het besnijden van vrouwen en het stenigen van vrouwen die geil naar een man kijken gaan overnemen. Dat gaat ze lukken want de Mohammedaanse cultuur is er een van geitenneukers en hun voorgangers zijn pedofielen en stiekeme homo's die het alleen in het donker durven te doen met jongens die door hun ouders aan hen zijn toevertrouwd. Ik haal twee dingen door elkaar lieve Almeerderianen en Hagenezen, vergeef mij, het komt door de verkiezingsroes.
Anyway, nadat we de grootste zijn geworden in Juni zullen we door de ondermensen genegeerd worden en kunnen we onze plannen nog steeds niet doorvoeren. We zullen streven naar nog meer verkiezingen tot we de absolute macht bezitten, maar misschien moeten we die verkiezingen niet afwachten en de toekomst een handje helpen met behulp van onze paramilitaire onderafdeling. Tegen die tijd ben ik nog bozerderder geworden zodat ik als provocatie een klein snorretje laat staan, de ruimte tussen mijn neusgaten en mijn bovenlip geheel vullend. Als ik dat mooi vind, dan mag dat toch? Hullie mogen toch ook hun baard laten staan? Of niet dan he? he? he? (applaus...)
Straks ben ik eindelijk de grootste, de machtigste en de booste van het land. Dan is er geen ontkomen meer aan. Jullie weten dat ik nu nog lief ben voor die Mohammedanen en ze alleen maar terug wil sturen, maar zodra ik de grootste ben zet ik ze ook echt uit, met hun achterlijke jurken en hoofddoekjes, spuug en spuugzat ben ik ze, spuugzat.
Sorry mevrouw, hier, een zakdoekje.
Spuug en spuugzat dus. Alle Kutmarrokanen die dan niet terug naar hun land kunnen wil ik opsluiten in Vught in een kamp. En als ze daar weg willen, nou dat kan, ik weet nog wel een volgend stationnetje voor ze (gejoel).
Nog even dit. Binnenkort mag er niet meer geblogd worden. Sommige bloggers maken het wel heel bont door speeches te schrijven die ik nooit uitgesproken heb, mij als Hitler af te beelden terwijl ik er niet eens op lijk en dat kan dus niet. Wat ze in China kunnen kan ook hier en ik zal google vragen alle sites te blokkeren die mij ......
deze site is niet verder leesbaar, neemt u contact op met uw systeembeheerder of kijk op www.google.nl
donderdag 4 maart 2010
Indonesië hadden ze nog niet gehad op school.
'Die meneer daar, dat is mijn zoon en zoals jullie weten is hij de vader van Dieuwertje, dus zij is mijn kleindochter'
Aan het woord is mijn moeder die een verhaal vertelt over de tweede wereldoorlog in de klas van, u snapt het, mijn dochter. Toen mijn moeder de leeftijd had van mijn dochter kreeg ze een kommetje rijst per dag, moest ze met vijftig vrouwen in één huis wonen met één WC, moest ze als invalmoeder voor een leger nog kleinere kinderen zorgen, moest ze twee keer per dag op appel buigen voor de Japanse vlag, zag ze haar vader jarenlang niet en werd ook haar zusje voor een aantal maanden weggehaald zonder dat ze wisten waar naar toe. Indrukwekkende verhalen en de kinderen hangen aan haar lippen. Mijn moeder was al een keer voor een vergelijkbaar project uitgenodigd op een lagere school van een ander kleinkind, maar dat ging uiteindelijk niet door. Ze had de concurrentiestrijd verloren van de oma van een ander kind die verhalen kon vertellen uit de tweede wereldoorlog over de Duitsers. Indonesië hadden ze op die school nog niet gehad. De oorlog in Indonesië zal door de nieuwste generaties veel eerder vergeten zijn dan de Europeese. Dat Hitler geen punkband was maar een dictator weten de meesten wel, maar dat er ooit Nederlandse onderwijzers Nederlandse les gaven tussen de Tijgers van Sumatra en daar door Japanners opgesloten werden is grotendeels onbekend.
Niet dus bij de klasgenoten van Dieuwertje die van de ene verbazing in de andere vallen. Dat mijn moeder vier jaar niet op school had gezeten vinden ze niet vreemd, maar dat ze de verveling na die vier jaar zo spuugzat was dat ze van school droomde, dat wordt bijna niet geloofd.
'Dus als je vier jaar niet naar school gaat, kun je later nog gewoon dokter worden?' vraagt Dieuwertje 's-avonds.
'Ja dat kan, 'maar niet zonder oorlog.' leg ik uit.
'En hoe vonden je vriendjes het?' vroeg ik.
'Ze vinden dat ik een coole oma heb' antwoordde ze.
Dus de zoon van de oma was ook tevreden.
Aan het woord is mijn moeder die een verhaal vertelt over de tweede wereldoorlog in de klas van, u snapt het, mijn dochter. Toen mijn moeder de leeftijd had van mijn dochter kreeg ze een kommetje rijst per dag, moest ze met vijftig vrouwen in één huis wonen met één WC, moest ze als invalmoeder voor een leger nog kleinere kinderen zorgen, moest ze twee keer per dag op appel buigen voor de Japanse vlag, zag ze haar vader jarenlang niet en werd ook haar zusje voor een aantal maanden weggehaald zonder dat ze wisten waar naar toe. Indrukwekkende verhalen en de kinderen hangen aan haar lippen. Mijn moeder was al een keer voor een vergelijkbaar project uitgenodigd op een lagere school van een ander kleinkind, maar dat ging uiteindelijk niet door. Ze had de concurrentiestrijd verloren van de oma van een ander kind die verhalen kon vertellen uit de tweede wereldoorlog over de Duitsers. Indonesië hadden ze op die school nog niet gehad. De oorlog in Indonesië zal door de nieuwste generaties veel eerder vergeten zijn dan de Europeese. Dat Hitler geen punkband was maar een dictator weten de meesten wel, maar dat er ooit Nederlandse onderwijzers Nederlandse les gaven tussen de Tijgers van Sumatra en daar door Japanners opgesloten werden is grotendeels onbekend.
Niet dus bij de klasgenoten van Dieuwertje die van de ene verbazing in de andere vallen. Dat mijn moeder vier jaar niet op school had gezeten vinden ze niet vreemd, maar dat ze de verveling na die vier jaar zo spuugzat was dat ze van school droomde, dat wordt bijna niet geloofd.
'Dus als je vier jaar niet naar school gaat, kun je later nog gewoon dokter worden?' vraagt Dieuwertje 's-avonds.
'Ja dat kan, 'maar niet zonder oorlog.' leg ik uit.
'En hoe vonden je vriendjes het?' vroeg ik.
'Ze vinden dat ik een coole oma heb' antwoordde ze.
Dus de zoon van de oma was ook tevreden.
woensdag 3 maart 2010
In de woestijn is alles gratis
Een van de verplichtingen die je als burger hebt is het betalen van je belastingen. Zonder belastingen geen wegen, scholen en geen ondersteuning voor Olympische sporters. Zonder belastingen ook geen ambtenaren, dat dan weer wel. Je kunt ervoor kiezen om hier niet aan mee te doen. Geen idee wat voor route je dan moet afleggen, waarschijnlijk moet je dan statenloos burger worden en ergens in een woestijn een manier vinden om je lichaam in leven te houden met zand. Of zoiets. Alle andere vormen van aanwezig zijn op deze aarde brengen onherhoepelijk met zich mee dat je belastingen gaat betalen.
Zo ook ik. Aan de beurt dit keer is de gemeente Sorede, parel van het Alberes gebergte, al zeggen ze het zelf. Ik verhuur daar aan toeristen en die moeten daar toeristenbelasting betalen. Taxe de sejour noemen ze dat, dat is Frans. Aan mij de eer om deze taxe aan te geven bij de gemeente. Ik bel een aardig klinkende mevrouw om 12.25 uur.
'Lieve mevrouw, het is met Michiel Cobben dat u spreekt'
'Meneer Cobben, het is met plezier.'
'Fijn. Mevrouw, ik heb mijn aangifte al gedaan en nu krijg ik een herrinering'
'Ik zie hier dat u nog geen aangifte gedaan heeft, dus dan krijgt u een herrinering'
'Maar ik heb hem verstuurd met E-mail. Dat is communicatie per computer, buiten Frankrijk erg populair'
'Ik moet het voor u nakijken, maar omdat u het per e-mail heeft verstuurd moet ik daarvoor even een collega raadplegen. En ons bureau gaat nu sluiten voor de lunch. Belt u na twee uur vanmiddag even of komt u even langs'
Lees hier hoe het verder ging.
Zo ook ik. Aan de beurt dit keer is de gemeente Sorede, parel van het Alberes gebergte, al zeggen ze het zelf. Ik verhuur daar aan toeristen en die moeten daar toeristenbelasting betalen. Taxe de sejour noemen ze dat, dat is Frans. Aan mij de eer om deze taxe aan te geven bij de gemeente. Ik bel een aardig klinkende mevrouw om 12.25 uur.
'Lieve mevrouw, het is met Michiel Cobben dat u spreekt'
'Meneer Cobben, het is met plezier.'
'Fijn. Mevrouw, ik heb mijn aangifte al gedaan en nu krijg ik een herrinering'
'Ik zie hier dat u nog geen aangifte gedaan heeft, dus dan krijgt u een herrinering'
'Maar ik heb hem verstuurd met E-mail. Dat is communicatie per computer, buiten Frankrijk erg populair'
'Ik moet het voor u nakijken, maar omdat u het per e-mail heeft verstuurd moet ik daarvoor even een collega raadplegen. En ons bureau gaat nu sluiten voor de lunch. Belt u na twee uur vanmiddag even of komt u even langs'
Lees hier hoe het verder ging.
dinsdag 2 maart 2010
Even over voetbal, sorry hoor
Sinds 1978 volg ik voetbal. De wedstrijden van het WK in Argentinie. Ik kon het maar niet loslaten, moest alles zien en met mij mijn broers. Ik geef eerlijk toe dat ik gehuild heb nadat we de finale verloren. 'S-nachts droomde ik dat Robbie Rensenbrink die bal niet tegen de paal maar in de goal schoot. Sinds die tijd kijk ik op zondagavond om 19.00 uur naar Studio Sport. Inderdaad, bord op schoot, dat werk.
Sinds vier jaar kijk mijn zoon mee. Hij is verslaafd sinds het WK in Duitsland, 2006. Vier keer rood, acht keer geel en een huilend kind op de bank (dit weet u niet als u hem spreekt!!). Een gezamenlijke hobby, elke zondagavond op de bank, borden op schoot.
Zondagavond deed hij niet mee. Hij ging bij een vriendje eten en sport kijken. Jammer, maar de beelden hierboven heeft hij gelukkig niet gezien. De overtreder is een Engels international, ik hoop dat hij uitgesloten wordt van deelname aan het WK in Zuid Afrika, later dit jaar. Ik hoop eigenlijk dat voetbal weer leuk wordt. Ik voelde me zoals de spelers op het veld zich gedragen, belabberd. Is dit onze cultuur. Is dit leuk?
maandag 1 maart 2010
Reminder voor mezelf
Eerst had ik een ernstige ziekte, daarna had ik een trainingsachterstand, daarna was het lange tijd te risicovol voor me door het ijs, ook was mijn band een keer lek, maar vanmorgen had ik werkelijk geen enkele smoes meer. De zondagochtendfietsclub.
Waarschijnlijk denkt u (ik ken u, jawel, ik ken u en ik weet precies wat u denkt) dat ik lid ben van een Gooisch herenclubje dat zondagochtend even de benen strekt. Duur materiaal, weinig prestaties, grote bek en weinig kilometers, dat werk. Nee, nee en nog eens nee. Mijn fietsgroepje bestaat uit jongens (de gemiddelde leeftijd is slechts 45) die vele uren per week trainen, in de zomer Alpen d'huezzen en Tourmalets beklimmen, die een abonnement hebben op het weekblad 'Fiets' en die zich verheugen op tochten als 'Limburgs Mooiste' (110 kilometer heuvellandschap) of de 'Gerrie Kneteman Memorial' (160 kilometer polders, uitsluitend wind tegen).
Na een kleine trainingsstage op Ameland waar ik de afgelopen week drie keer het eiland op en neer fietste had ik de wekker gezet. Om 07.45 uur piepte hij me wakker. De regen sloeg tegen de ramen, ons huis lag vol met slapende kinderen en A. vroeg of ik op kon staan zonder een lamp aan te doen, want ze sliep nog zo lekker. Wat denkt u? U zit ernaast, ik ben gegaan. Terwijl ik dit typ (borreltijd) voel ik mijn bovenbenen tintelen en weet ik dat ik vanavond vroeg in slaap val. Heerlijk. Deze blog stuur ik als een uitgestelde mail aan mezelf, verzendtijd volgende week zaterdagavond. Dan heriner ik het me en weet ik dat ik geen smoezen moet verzinnen maar gewoon moet gaan!
Waarschijnlijk denkt u (ik ken u, jawel, ik ken u en ik weet precies wat u denkt) dat ik lid ben van een Gooisch herenclubje dat zondagochtend even de benen strekt. Duur materiaal, weinig prestaties, grote bek en weinig kilometers, dat werk. Nee, nee en nog eens nee. Mijn fietsgroepje bestaat uit jongens (de gemiddelde leeftijd is slechts 45) die vele uren per week trainen, in de zomer Alpen d'huezzen en Tourmalets beklimmen, die een abonnement hebben op het weekblad 'Fiets' en die zich verheugen op tochten als 'Limburgs Mooiste' (110 kilometer heuvellandschap) of de 'Gerrie Kneteman Memorial' (160 kilometer polders, uitsluitend wind tegen).
Na een kleine trainingsstage op Ameland waar ik de afgelopen week drie keer het eiland op en neer fietste had ik de wekker gezet. Om 07.45 uur piepte hij me wakker. De regen sloeg tegen de ramen, ons huis lag vol met slapende kinderen en A. vroeg of ik op kon staan zonder een lamp aan te doen, want ze sliep nog zo lekker. Wat denkt u? U zit ernaast, ik ben gegaan. Terwijl ik dit typ (borreltijd) voel ik mijn bovenbenen tintelen en weet ik dat ik vanavond vroeg in slaap val. Heerlijk. Deze blog stuur ik als een uitgestelde mail aan mezelf, verzendtijd volgende week zaterdagavond. Dan heriner ik het me en weet ik dat ik geen smoezen moet verzinnen maar gewoon moet gaan!
Abonneren op:
Posts (Atom)





