woensdag 10 juni 2009

De duif en zijn buurjongen

U weet hoe dat gaat. Oh, u weet het niet want u heeft geen buurjongen. Aha, dan een stukje verduidelijking naar u toe. De vorige zin is de lelijkste die ik ooit opgeschreven heb, maar dat terzijde, we hadden het over buurjongens. Buurjongens scheppen tegen elkaar op als ze nog buurjongetjes zijn. 'Mijn vader heeft een porsche' zegt de ene buurjongen en de andere buurjongen zegt dan 'Mijn vader heeft een Ferrari', want Ferrari, dat weten jongetjes al vanaf dat ze heel klein zijn, staat hierarchisch boven de Porsche.
Of de ene zegt 'ik ga later bij Ajax voetballen, zegt de trainer zelf tegen me' en dan de ander. 'Ik word later multimiljonair en dan koop ik Ajax en dan ontsla ik jou en dan ga ik er zelf spelen'. Ezovoort, enzoverder, etcetera.

Zo ook de twee duivenbuurjongens in dit verhaal.
'Jij durft lekker niet op de dug-out van het cricketveld te zitten' zei de een.
'Jawel hoor' zei de ander en hij deed het.
'Jij durft lekker niet boven het cricketstadion te vliegen' zei de een
'Jawel hoor' zei de ander en hij deed het.
'Jij durft lekker niet op het hoofd van Jacques Rudolph te gaan schijten' zei de een
En hoe dat afliep ziet u hier beneden. Kindertjes die meelezen: dat komt ervan als je opschept.

dinsdag 9 juni 2009

Bloggen is zinloos, zoals alles.

Het zal de voorpagina van de dagbladen niet halen en toch was het heet nieuws, althans voor mij. Jeugdvriend en schrijver Viktor Frölke kondigt op zijn blog aan minder intensief te gaan bloggen. Hij belooft af en toe nog een drol achter te laten, maar zijn dagelijkse diarree zal ik moeten missen. Ik begrijp het, maar accepteren, dat gaat nog wat lastiger.

Mijn eigen blog is opgezet omdat ik er van geniet een losse, soms rare gedachte verwoord te krijgen op een manier zodat anderen me kunnen volgen. En om te amuseren en te relativeren, het leven is al zo serieus. Is dat genoeg raison d'etre voor een blog? Er bekruipt me regelmatig het gevoel dat deze blog volslagen zinloos is. Die gedachte eindigt meestal in de conclusie dat het hele leven zinloos is, dus dat ik net zo goed door kan bloggen. Een voordeel: mijn blog heet schrijver worden. Zodra ik schrijver ben heb ik een legitieme reden deze blog te stoppen en een soap op tv te gaan volgen of een andere zinlose hobby op te pakken. Punniken, wie weet.

Mijn teller staat inmiddels op 91 blogberichten. Ik tel op Victor's site 558 blogberichten sinds juni 2006, een fantastische prestatie. Ze werden beter, herkenbaarder. Ik hoop dat ze voor Viktor zijn werk gedaan hebben. Zijn kinderen en andere leven trekken nu harder dan de drang om dagelijks te bloggen. Nogmaals, ik begrijp het. En toch, partir. c'est mourir un peu.

maandag 8 juni 2009

De duif en de werper, een softie trouwens

Mijn naam is Rudolph, Jacques Rudolph. Ik ben professioneel cricketspeler. Ik heb er lang over gedaan om zover te komen, de cricketwereld is hard en ik ben een softie. Altijd al geweest oveigens. Toen ik een kleine jongen was en door mijn vader voor het eerst meegenomen werd naar een cricketveld zagen de andere jongetjes in de kleedkamer meteen dat ik een softie was. Ik huilde een beetje toen mijn vader me afzette en me zei dat hij me na de training weer zou komen halen.
'Huilebalk, softie' riepen de andere jongens en eentje sloeg me tegen mijn kop.

Ik kon me alleen handhaven in de cricketwereld omdat ik een loepzuiver en snoeihard schot heb. Ze gedogen me, de anderen. Ze drinken bier, ik drink witte wijn. Ze rijden motor, ik heb een fiets. Ze eten het liefst T-bone steaks en ik ben vegetariër. Ik ben een echte dierenvriend.
'Dooie beesten, lekker' roepen ze vulgair als ze na de wedstrijd gaan eten. Ik zeg niets, maar ze zien natuurlijk de tranen in mijn ogen. Als ik laat merken dat ik het erg vind, dan slaan ze me in elkaar. Ik doe dus maar een beetje net alsof mee, al doet het leed van de dieren me altijd veel pijn.

Wat doe ik nog bij dat cricket vraagt u zich af. Om eerlijk te zijn weet ik het niet goed, maar ik ben er nou eenmaal goed in, het is mijn beroep, het betaalt niet slecht en vind maar eens een andere job. De werkloosheid in Zuid Afrika is hoog, heel hoog. Het is vol te houden voor me, als ik ze maar niet lastig val met mijn overdreven liefde voor dieren.

Dit is wat me vandaag overkwam. De bal rolde naar me toe, ik pakte hem en in een flits gooide ik hem terug. Niet nadenken, werpen, daar ben ik goed in.

zaterdag 6 juni 2009

Heet nieuws: de duif was een terrorist

Dankzij intensieve samenwerking tussen Scotland Yard, de KGB, FBI, CIA, PSV en Ajax is een complot ontmaskerd om de Engelse Koningin (eng: queen) te vermoorden. Op Internet, in de bestanden van een handlanger die zich voordeed als amateurschrijver, is een brief opgedoken van een Al Qaeda duif:

'Dit is mijn afscheidsbrief. Allah heeft me geroepen tot de Jihad. Mijn gehoorzaamheid aan Allah is grenzeloos en mijn oppoffering staat niet ter discussie. Onder mijn veren heb ik de lading verstopt, cyanide, een klein beetje maar. Het zal moeilijk vliegen worden, maar ik hoef maar een klein stukje. Aan de andere kant van het cricketveld staat het koud buffet opgesteld. Het derde bord links is van de koningin. Ik ga, 70 jonge maagd-duifjes wachten op mij'.

Geheim agent Jacques Rudolf, buitenvelder met een messcherp oog en een loepzuivere gooitechniek, was net op tijd ingeseind en wist de aanslag te verijdelen. Dankzij knap acteerwerk leek het allemaal een grote grap (zie filmpje), kon Rudolph incognito het cricketspel hervatten en hoefde hij zijn Uzi niet te voorschijn te halen (zie filmpje en let op: nergens ziet u een Uzi). Rudolph doodde de duif en gaf het lijk aan de collega's van Scotland Yard die verdekt opgesteld stonden achter de reclameborden en het daar verder onschadelijk maakten. De Britse koninklijke familie is direct na het incident ingelicht, De Koningin en Prins Charles hebben hun bezoek afgelegd conform vastgestelde agenda en hebben het buffet op het cricketveld genoten. Prins Charles verslikte zich hierbij in een aardbei en zei 'My Goodness, what a large strawberry'.

Tot zover onze correspondent uit Zuid Afrika.

vrijdag 5 juni 2009

'Kerel, hoe gaat het?'

'Hé, kerel, hoe gaat het?' vraagt een andere vader op het schoolplein.
'Hé, kerel, hoe bedoel je?' vraag ik terug. Ik woon in het Gooi, een van de laatste reservaten van het woord 'kerel'.
'Nou gewoon, hoe het gaat' zegt hij en hij haalt de sleutels van zijn Audi QX of zoiets uit zijn zak, klaar om weg te scheuren naar zijn kantoor waar hij als hij binnenkomt direct de omzetcijfers van de afgelopen week gaat bekijken om zijn commissie te berekenen. Denk ik, want ik mag niet mee, al zou ik willen.
'Zakelijk, prive, met mijn gezondheid, met de gezondheid van mijn familie, met mijn pogingen schrijver te worden, met de schoolresultaten van mijn kinderen, met het verwerken van de kaasfondue van gisteravond, wat bedoel je toch, kerel?' vraag ik.
Mijn gesprekspartner kijkt op zijn horloge, gekocht van zijn laatste bonus.
'We moeten weer eens een biertje doen' liegt hij en hij stapt in zijn penisverlenging.
'Oke, als je het echt wilt weten, ik zit in een existentiele crisis, kerel.' zeg ik.
'Oh..., euh..' ik zie de spijt dat hij me heeft aangesproken in zijn ogen. 'Wat is dat?' perst hij eruit, terwijl hij met open deur de auto start.
'Een existentiële crisis is een staat van paniek of een gevoel van intens psychologisch onbehagen over levensvragen. Het komt vooral voor in onze cultuur, waar basale overlevingsbehoeften vervuld zijn. Het is het besef eenzaam en geïsoleerd te zijn, geconfronteerd met de eindigheid van het eigen bestaan, dat er mogelijk geen hiernamaals is, dat het leven zinloos is, kerel.'

Hij is al in zijn auto gestapt en weggereden. Mooi zo, ik neuk namenlijk met zijn vrouw en het zou echt fout voelen als hij me aardig gaat vinden.
Noot van de schrijvers: Het is natuurlijk cabaret, uiteraard ga ik niet vreemd. Iedereen die mijn vrouw kent snapt dat ik dat niet durf. Bovenstaand is geschreven vanuit het perspectief van een schizofreen, ik ben beide mannen.

donderdag 4 juni 2009

De liefde tussen een man en zijn duifje.

Een liefdesverhaal met een dramaaaatisch einde. Er was eens... een duif die in Zuid Afrika woonde. Deze duif had het hart op de juiste plek, linksboven in de borstholte om precies te zijn. Zijn hobby was cricket. Op het veld achter zijn nest werd elke woensdag en elke zaterdag een cricketwedstrijd gespeeld. De duif genoot van het spel, al duurde het wel enkele jaren voor hij de regels doorhad. Zijn favoriete speler was Jacqeus Rudolph. Zoals Jacques de cricketbal gooide, zo gooide er geeneen. En de nieuwe shirts van zijn team stonden Jacques gewoon veel beter dan zijn teamgenoten.

Op een mooie, zonnige woensdagochtend ging de duif op zijn vaste plekje zitten, boven de dugout van het team van zijn favoriete speler. De zon had er vrij spel en het was heerlijk uit de wind, maar niet alleen daarom was dit zijn favoriete plekje. Hier kon hij ook de gesprekjes volgen van de coach en zijn assistent. Onze verliefde duif wist daarom dat het niet zo goed ging met Jacques. Hij zou misschien gewisseld worden.

Jacques zelf wist nog van niets.
'Je moet een speler nooit onzeker maken' zei de coach tegen de assistent. 'Daarom geef ik nooit waarschuwingen. 'Maar als die fu***** Rudolph nu weer op de thuisplaat aangooit in plaats van op twee, dan zet ik hem een team terug'.

De duif schrok. Was er maar een manier om Jacques Rudolph te waarschuwen. Niet op thuis gooien maar op twee. Daar rolde de bal naar Jacques. De duif zag aan zijn werparm dat hij weer op thuis zou aangooien. De duif vloog op en gilde 'Jacques!! Jacques Rudoooooo....' Beneden kunt u zien hoe deze dramaaatische liefdesgeschiedenis afliep.

woensdag 3 juni 2009

De vrouw van een miljoen, nee, twee miljoen

In de file, op de strook naast mij rijdt een erg lelijke vrouw. Dat heeft niets met mijn smaak te maken, als u haar zou zien zou u haar ook heel erg lelijk vinden. Elke objectieve toeschouwer zou haar lelijk vinden. Fout kapsel, lange neus en scheve ogen. Ik denk dat Y., mocht hij naast me gezeten hebben, op dit moment ‘een miljoen’ had gezegd. Toen Y. en ik nog regelmatig elkaars tijd verspilden keken we graag en vaak naar vrouwen.

oude lelijke vrouw

Als ze heel erg mooi waren wilden we wel gratis met ze naar bed (niet dat dat ooit aangeboden werd overigens) en als ze lelijk waren dan werd er een bedrag op hun hoofd gezet waar we het wel voor zouden doen. Bijvoorbeeld een miljoen, als het geval in kwestie erg lelijk was, gele tanden ofzo. Gele tanden deden in principe al boven het miljoen, maar dat waren nog guldens destijds.
‘Een miljoen, minimaal’ riep ik dan bijvoorbeeld.
‘Aha, dus voor negenhonderdennegentig duizend gulden zou jij het niet doen met haar?’vroeg Y.
‘Nou ja, dat ook nog wel, maar geen cent minder en alleen als ik mijn ogen dicht mag houden’ was dan mijn antwoord weer.
Die discussies konden even duren, maar als resultaat had je dan ook een haarscherp beeld van elkaars rangschikking van vrouwelijk schoon. U begrijpt, dit speelt in een periode van ons leven waarin we veel tijd hadden en weinig geld. Y. en ik hebben het allebei niet slecht gedaan, ik vermoed dat hij inmiddels wat meer kwartjes heeft dan ik, maar hij prijsde zich toen al stelselmatig wat duurder in de markt. Heel veel tijd hebben we allang niet meer.

De vrouw van een miljoen in de file naast mij heeft ook geen tijd en met een ruim handgebaar laat ik haar voor. Ze voegt haastig in en zwaait dankbaar in het achteruitkijkspiegeltje. God, wat is ze lelijk, ik verander mijn mening naar twee miljoen. Ze lacht dankbaar, ik zie gele tanden. Ongewend als ze is om voorgelaten te worden geeft ze te weinig gas en haar auto slaat af. Ze giechelt nu zichtbaar, herstart haar auto en eindelijk is het spook uit zicht.

Wat ongehoord braaf van mij om zo’n mens voor te laten. Is mijn macho gedrag volledig verdwenen nu ik schrijver aan het worden ben? Het is maar goed dat Y. niet naast me zit.

dinsdag 2 juni 2009

Tuinmeubels - een list

'S. en R. hebben precies zo'n tuinsetje' moppert mijn vrouw in het tuincentrum.

Het verbaast me niets, we staan in een van de grootste tuincentra van het Gooi, tweede fucking pinksterdag geopend, dus weer geen rust vandaag. Er staan hier vijf verschillende modellen uitgestald, dus de kans is groot dat een van je buren of kennissen dezelfde rommel in zijn auto laadt. Het lijkt me juist een aanbeveling, mensen die zich er net als jij in verdiept hebben maken dezelfde keuze, dan moet het dus goed zijn. En het is nou ook niet zo dat we volgende week naar een bruiloft gaan waar S. en R. ook heengaan en dat we daar met tuinsetjes verwacht worden. En dat we op de drempel, nadat we onze jassen bij de garderobe hebben afgegeven, erachter komen dat S. en R. exact hetzelfde tuinsetje hebben aangetrokken.

'maar ja, het is wel degelijk' zeg ik. Ik kan me wel voor mijn kop slaan, of eigenlijk niet want in mijn handen draag ik twee boodschappentassen met eenjaarsplantjes en tuinaarde. Degelijk, dat zeg je over een nieuwe grasmaaier of bestekla, niet over een nieuw tuinsetje. De kansen dat ik hier over vijf minuten weg ben en weer aan mijn manuscript verder kan werken zijn zojuist met 75% geslonken.

'zie je wel, degelijk, vind ik dus ook, ik heb gehoord dat er in Utrecht een winkel is met veel meer keus' zegt A. Dit dreigt verkeerd te gaan, slechts een list kan mij nog redden.

'Ik bedoel dat dit tuinsetje een juweel is, fraai vormgegeven, Italiaans bijna, moderne kleuren en het past exact in onze tuin, Maatwerk gewoon. En bij dat alles is het ook nog eens degelijk, dat bedoel ik eigenlijk. Kijk en dan nemen we deze kussens erbij'. Willekeurig pak ik een paar kussens van een grote hoop en leg ze op het tuinsetje. Gered door de gong, mijn list werkt en die verkoopcursus van jaren terug betaalt zich ook eindelijk uit.
'Als we het gelijk mee kunnen nemen, zullen we dan vanavond Barbecueen?' vraagt A.
'Leuk, gezellig, zullen we S. en R. vragen of ze mee-eten?' antwoord ik.

Bovenstaand stukje is een antwoord op iemands vraag waar ik de tijd vandaan haal om elke dag een stukje te schrijven. Snel winkelen, dat helpt.

maandag 1 juni 2009

Wie kent Harry Lubse nog?

Mijn laatste mailcontact met Paul Sebes, bij wie ik de cursus 'literair debuteren' volgde, is al weer enige tijd geleden, dus ga ik straks een mailtje sturen dat het manuscript eraan komt, maar dat ik nog steeds niet helemaal tevreden ben met het eindresultaat. Gelul uiteraard, maar schrijver worden houdt in dat je jezelf goed moet verkopen. 'Veel lezen' zei Paul Sebes tijdens de cursus 'literair debuteren'. Mooi zo, vandaag gaan we naar het strand en ik besluit 'Mijn haar is lang' van Herman Brusselmans mee te nemen.
'Het beetje kennis dat je hebt moet je natuurlijk rondstrooien in je romans, anders kun je beter helemaal geen schrijver zijn.' lees ik op pagina 166. De gouden tip! Bedankt Herman.
Snel maak ik een lijstje met wat ik allemaal weet. Het is meer dan ik dacht. Ik ga het allemaal in het manuscript gooien en men zal mij de meest erudiete schrijver sinds Brusselmans noemen. Hier is mijn lijstje met dingen die ik weet die niet veel andere mensen weten:

- Harry Lubse speelde een glansrol in de met 3-0 gewonnen kwartfinale van de Europacup 1 van PSV tegen Hajduk Split, 17 maart 1976 (mijn eerste stadionbezoek, ik zie nu pas dat mijn Opa hier Euro 9,09 aan uitgegeven heeft)
- De Tour de France is tot op heden 1761 keer door een dorp gereden waarvan de naam met St. Jean begint
- In 1732 telde Lisse 229 huizen en een molen

Het begin is er. Nu snel deze voor lezers hoogst interessante informatie in manuscriptvorm verpakken en mijn ticket voor het boekenbal kan besteld. Hoe ga ik dat aanpakken? Wellicht heeft die malle Brusselmans nog een tip. Ik surf naar bol.com om nog een boek van hem te bestellen, of misschien maar direct alles wat hij ooit geschreven heeft. Bol.com is langzaam, de pagina loopt binnen als uitgedroogde honing (hoe vindt u die vergelijking? knap he? Dat lees je dus nergens anders) en ik ontdek waarom. 'Mijn haar is lang' is Brusselmans' vijftigste werk. Mijn overmoed maakt plaats voor nederigheid, vijftig boeken en nog niet uitgeschreven.

Ik stuur mijn mailtje aan Sebes. In telegramstijl, hij weet dat ik mijn onvolprezen volzinnen voor betere doeleinden bewaar. De tekst: Writers Block. Vertraging. PSV-St.Jean-Lisse connectie moet verder uitgewerkt. Zie werk Brusselmans. Verder alles ok.

Ik ben benieuwd naar zijn antwoord.