donderdag 12 maart 2009

Felicitatie en sollicitatie

Beste Marieke Verhoeven en Gijs Schunselaar,

Gefeliciteerd met jullie beider benoeming tot adjunct directeuren van stichting CPNB. Ik lees op de site van jullie stichting dat jullie allebei de kwaliteiten hebben om het Nederlandse Boek nog meer te Propaganderen dan nu al het geval is. Jullie beschikken beiden, zoals dat heet in carrierejargon, over doorgroeipotentie. En dat is goed nieuws voor het Nederlandse boek.

Ik voorzie wel een probleem en dat is het machtsvacuum waar de stichting in dreigt te vallen met het aanstaande vertrek van jullie beider baas, good old Henk Kraima. Wie gaat er straks in dat gat springen? Jullie allebei tegelijk? Dat wordt dringen en ruzie. Een buitenstaander? Die heeft niet een maar twee potenzagers in zijn team en dat overleeft niemand. Er moet nu snel iets gebeuren. Ik zie het al voor me, begin volgend jaar. Marieke nodigt alle betrokkenen uit voor een werklunch en maakt het thema van de boekenweek 2010 bekend. En ze vertelt er als verassing bij dat het boekenweekgeschenk dit jaar door een debutant geschreven wordt en wel door Michie..
'Dat zou ik bekend maken' roept Gijs dan en hij duwt Marieke van haar zeepkist. Dat wordt genant Marieke en Gijs, dat gaat niet werken.

Geen nood, ik heb de oplossing of eigenlijk, ik ben de oplossing. Neem mij. Ik laat jullie gewoon je gang gaan, kijk soepel naar declaraties en ben slechts een dag in de maand aanwezig. De rest van de tijd ben ik aan het schrijven. Ik reken daarvoor een half directeurssalaris, jullie mogen de leuke klusjes gewoon zelf blijven doen en het Nederlandse boek kan onverdroten doorgepropagandeerd. En daar ging het toch om?

Ik kan eventueel snel beginnen, stuur mijn contract maar via mijn weblog: http://schrijverworden.blogspot.com/

O ja, dit is een open brief, ik heb helaas zelf geen podium om deze brief uit te dragen. Mijn weblog is nog maar net gestart. Zetten jullie hem even op jullie site?

woensdag 11 maart 2009

Tjielp Tjielp naar het Boekenbal

Nog net voor sluitingstijd haalde ik mijn pak bij de stomerij. Het stond me uitstekend, want ik was al drie weken, speciaal voor dit moment, aan het lijnen. De stropdas was nieuw, in de voering was een kroontjespen afgebeeld, grapje. Mijn eigen frivoliteitje. Kijk als je Kluun ofzo heet dan kun je je wel wat extravanganters veroorloven, maar als amateurschrijver ken ik mijn plek, ook in mijn uitdossing. Ik scheerde me of ik schoor me, daar kon ik door de zenuwen niet opkomen en de tekstverwerker keurde beiden goed. Ik snijdde me of ik sneed me, vult u zelf maar in en vervolgens stolp of stelpte ik mijn wond. Een rustgevende knuffel van mijn vrouw deed wonderen.

'Doe nou maar rustig en als je Harry Mulisch ziet, doe alsof het een gewoon mens is.' zei ze. Wat een schat is het toch. Bij de bushalte bedacht ik me dat ik het adres niet had. Met mijn mobiel surfde ik naar de site van het boekenbal. 'toegang uitsluitend op uitnodiging' stond er. De buschauffeur stopte en zei : 'we zijn al te laat, stapt u snel in'

'Te laat?' reageerde ik. 'Integendeel, u bent te vroeg. Een jaar te vroeg.'

Rustig liep ik naar huis. Terwijl in Amsterdam feest werd gevierd stortte ik me op hoofdstuk zeven van mijn boek. Nog even doorzetten. Tjielp, Tjielp is dit jaar het thema van het boekenbal. Stom thema, achteraf was ik blij dat niemand me had uitgenodigd.

dinsdag 10 maart 2009

Lezen met Ryanair

Veel mensen denken dat schrijver worden inhoudt dat je dagelijks woorden achter elkaar zet tot het een hoofdstuk is en als je dan een aantal hoofdstukken hebt dat je dan klaar bent en aan je volgende boek begint. Het houdt echter meer in, al weet ik het niet zeker, ik ben nog geen professionele schrijver. Ik doe dus maar wat en hoop dat ik op de goede weg ben. De ene dag museumbezoek om inspiratie op te doen (zie mijn blog van gisteren) de volgende dag marktonderzoek. Vandaar dat ik het vliegtuig van Perpignan naar Charleroi instap om de lezende mens te bestuderen. Nergens wordt zoveel gelezen als in vliegtuigen. Dit is ongetwijfeld te verklaren door het simpele gegeven dat er, behalve neuken in de toiletten, verder weinig anders te doen is aan boord van een vliegtuig en zeker aan boord van een 'low-cost-carrier' zoals Ryanair. Die hebben zelfs het stoute plan om een euro te vragen om te mogen plassen. Lid worden van de 10km hoog club kost dus 2 euro want je bent met zijn tweeen, dus dat zal dan ook wel snel stoppen. Hoewel de kalender die de stewardessen van Ryanair gemaakt hebben voor het goede doel wel inspirerend werkt. Boven ziet u Miss Juni, oordeelt u zelf.

De mevrouw naast mij leest een kruiswoordpuzzelboek. Als marktonderzoeker heb ik daar weinig aan. Parachute schrijft ze op een verticale as in haar boekje. De vraag zal wel geweest zijn: 'ik ga op reis met Ryanair en wat neem ik mee?' Ik zou zeggen condoom, maar dat past niet. Aan de andere kant van mij zit A. en zij leest 'Eten, bidden en beminnen'. Leuk, maar marktonderzoek doen op je eigen vrouw levert mij geen nieuwe inzichten op. Ik wilde juist onbespied argeloze leesconsumenten bestuderen.

Dan heb ik een mazzeltje. In de rij voor me slaat een vrouw 'De verbouwing' open van Saskia Noort. Ze leest de eerste bladzijde en bestelt dan een flesje water bij de stewardess (Magda, brunette, 1.8m, hobby's: fitness en uitgaan). Ze neemt een slok en gaat onderuitzitten, het boek ondersteboven op schoot. Die pose neemt ze een uur lang aan, haar mond gaat open en ik zie een slijmspoortje haar mondhoek uitlopen. Aha, ik trek mijn conclusies. Dat hoofdstuk over plastische chirurgie dat ik heb geschreven schrap ik vanavond nog. De markt vindt dat slaapverwekkend. Ik ga het vervangen door een pikante scene met een Vlaamse stewardess.

maandag 9 maart 2009

Inspiratie en Dali

Als zakenman was ik alleen maar met geld bezig. Nu ik schrijver aan het worden ben moet ik nog veel cultuur snuiven. Om die reden bezoeken A. en ik het Dali museum in Figueras. Inspiratie opdoen. Dat lukt makkelijk in het door Dali zelf ontworpen museum, al is het een doe-het-zelf expositie. Ooit bezocht ik het Dali museum in St. Petersburg, Florida waar je een discman kreeg waar je de nummertjes die naast de schilderijen stonden in moest toetsen. Dan kreeg je naar keuze een lange of korte uitleg van het object waar je naar keek. In het geval van Dali is dat geen overbodige luxe. De Spaanse service gaat zo ver niet, misschien denken ze dat iedere bezoeker een afgestudeerd kunsthistoricus is. De enige informatie is een foldertje met plattegrond en een boek dat ik bij de ingang koop en waar ik niets aan blijk te hebben. Ik vermoed hier de hand van de meester, die in al zijn ijdelheid er vast van uitging dat mensen die zijn museum zouden bezoeken zijn leven en werk thuis al tot in detail hebben bestudeerd. Zelf heb ik de avond ervoor alleen even gewikipediaat en een leuke quote van de meester ontdekt: 'Toen ik zes jaar oud was, wilde ik kokkin worden. Toen ik zeven jaar oud was, wilde ik Napoleon worden. Sindsdien is mijn ambitie in hetzelfde tempo blijven groeien'. Lekker ventje die Dali.

Na een paar uurtjes in het museum kom je tot de conclusie dat Dali niet een lekker ventje was, hij was meer dan dat, hij was volslagen mesjogge en te geniaal voor woorden. Op een plek in het museum denken we even rustig te gaan zitten en bij te komen. Blijkt hij op het plafond weer een bizar schilderij gemaakt te hebben. Zonder discman blijft het gissen, maar ik gok dat hij hier zijn eigen hemelvaart geschilderd heeft. Of een hondenhok voor tongzoenende vitrinekasten, dat kan ook. We hebben pas weer rust als we op een terrasje neerploffen en spaghetti bestellen.

'Wel economisch voordelig voor Figueras dat er zo'n schilderende mafketel woonde' merkt A. terecht op. Wie was hier nou eigenlijk de zakenman?

kleine quiz: wat stelt bovenstaande afbeelding voor? Onder de juiste inzenders wordt een net sinaasappels (hand) verloot, op te halen bij degene van wie ik het nog krijg.

zaterdag 7 maart 2009

Een dag niet geblogd ...

... is een dag verder verwijderd van mijn geambieerd schrijverschap. Ik heb me voorgenomen elke werkdag een blog te publiceren zodat ik mijn geslepen pen geen kans geef bot te worden, ik mijn zelfdiscipline daarmee stimuleer en omdat ik het leuk vind. Eigenlijk is dat laatste het belangrijkste, de eerste twee redenen schreef ik erbij voor het serieuse tintje. Alleen maar leuk, dat is toch inhoudsloos? Ik had ooit een collega die vond alles leuk. Klanten bellen? Ja leuk. Administratie bijhouden? Ja leuk. Bureau opruimen? Ja leuk. Bureau schoonlikken zonder bah te zeggen? Ja leuk. Uiteindelijk werd hij uit het bedrijf gezet omdat hij geen ruggegraat had volgens het management. Dat vond hij niet leuk. Ik dwaal af, zo word ik nooit schrijver.

Gisteren dus niet geblogt. Excuses? Komen ze: eerst in een vliegtuig gezeten zonder internet, daarna geluncht met wijn en toen uitgerust, vervolgens aangekomen in Vallee de Reuzen, alwaar ook geen internet. Helpdesk gebeld van Orange.fr die beweerden dat het aan mij lag, waar ik boos om werd. Dat komt omdat ik schrijver aan het worden ben en daarom mijn schaamte van mij af heb geworpen en dus kritiek te persoonlijk opvat. Toen ik dat in het Frans probeerde uit te leggen aan Sahib van de helpdesk, die voor een Fransman overigens heel erg Afrikaans klonk, brak ik mijn tong over alle naamvallen en toen internet het eindelijk deed was het tijd voor het diner. Ik ga ver, maar een Franse maaltijd onderbreken om te bloggen, gaat zelfs mij te ver. Toen we eindelijk de dis verlieten was de dag voorbij, een vermoeiende dag zonder blijvende herrinering in de vorm van een blog op het net. Ik hoop dat u mijn redenen begrijpt en me vergeeft.

Ok dan, een goedmakertje. Ik ben in het vliegtuig begonnen aan 'Het tulpenvirus' van Danielle Hermans. Ik heb Danielle Hermans ontmoet bij Paul Sebes en van haar begrepen dat haar debuut inmiddels aan zeven landen is verkocht. Wauw. Maandag zal ik op deze blog een recensie schrijven als u belooft nooit meer over mijn blogloze werkdag te beginnen. Tenzij u een ander voorstel heeft, laat het dan weten onder reacties. Uw bureau schoonlikken hoeft u niet te suggereren, dat doet u zelf maar. Bah.

donderdag 5 maart 2009

Research: ik bel met de belastingdienst.

'dus, stel die persoon zou negatief in het nieuws komen, zou dat dan aanleiding zijn om iets te'
'....'
'gewoon, een artikel in een zakenblad dat hij eigenlijk een onmens is en de boel oplicht en'
'.....'
'nou ja oplicht, iets met een trust op Jersey, maar mijn vraag is dus eigenlijk hoe snel de belastingdienst beslag laat leggen ofzo?'
'....'
'nee, het is voor een boek, het is niet echt aan de hand. Oh ja, en als dat beslag gelegd wordt en er is sprake van het vermoeden van malafide transacties, hoe ...'
'....'
'ik geloof dat we wat langs elkaar heen praten. Nou ja, laatste vraagje, als er beslag gelegd wordt op je prive bezittingen, kun je dan je credit card nog gebruiken?'
'......'
'nou ja, eurocard, visa, maakt dat iets uit? Het is voor een boek, ik zou er op geloofwaardige wijze nog wel een american express card van een buitenlandse vestiging van kunnen maken, ha ha'
'.....'
'Ik ben zelf ondernemer ja, maar het gaat dus om mijn debuutroman'
'.....'
'nummeronderdrukking op mijn telefoon? heb ik al jaren. Maar bedankt, nee u hoeft mij niet terug te bellen. Mijn naam is Jansen uit Amsterdam, goedemiddag.

Oef, research is spannend, maar ik heb goed nieuws. Bij een beslaglegging op je prive vermogen kun je je creditcard gewoon blijven gebruiken. Dat opent perspectieven voor een heel nieuw hoofdstuk. Hoera.

woensdag 4 maart 2009

In de studio van de NCRV

Mijn entree in de NCRV studio voer ik uit alsof ik al een beroemd schrijver ben. Met piepende banden stop ik in de parkeergarage en ik loop achter een meisje aan dat zich aan me heeft voorgesteld als 'maar een stagiaire'. Sinds Bill Clinton weet bijna iedereen dat stagiaires er toe doen, maar misschien zat deze stagiaire ten tijde van Lewinsky nog op de lagere school. Voor een sigaar hebben we geen tijd, ik moet meteen de studio in. Wat ik van de topinkomens vind, als headhunter. Oh ja, ik ben headhunter. Ik enerzijds en anderzijds me door het radiogesprek. Mijn meest opvallende uitspraak is dat salaris niet het enige is waar je toptalent mee kan binden. Benieuwd welke ochtendkrant hier morgen mee opent.

Ik had kunnen zeggen dat die lelijke vakbondsmannen gefusilleerd moesten worden. Of dat die grijpgrage managers een nacht in het douchegedeelte van een cellenblok moesten doorbrengen, als speeltje voor de langstzittenden. En dat als ze dan aids opliepen, dat ze dan ze geen medicijnen kregen, want dat was dan te duur. En dan had ik naar buiten kunnen lopen, high-fivend met Eddy Zoey die na mij de studio inliep en tegen die stagiare kunnen zeggen dat als ze zin had in een sigaar, ze maar even mee moest komen, knipoog, knipoog.
Maar dat deed ik allemaal niet. Ik schrijf het in mijn blog op, want dan is het kunst en kunst mag.

dinsdag 3 maart 2009

'daar kan ik wel een boek over schrijven'

De momenten dat ik niet bezig ben met schrijver worden vul ik met ander werk. Dat andere werk bestaat voor een groot deel uit het luisteren naar mensen. Misschien dat mijn behoefte om een boek te schrijven hier wel uit voorkomt, ik wil zelf ook wel eens gehoord worden. Vandaag luister ik naar een meneer in een strak pak - oh ja, de meeste meneren waar ik naar luister hebben een strak pak aan - en hij vertelt over zijn baas. Dat moet een onmens zijn, als ik de meneer moet geloven. En ik geloof hem, waarom zou ik aan zijn verhaal twijfelen? Toch stel ik hem de vraag waarom zijn baas dan zo intens slecht is, als baas dan.

'och man, hou op, daar kan ik een boek over schrijven' zegt de meneer. Ik hou echter niet op. Ik vraag hem waar dat boek dan over zou gaan. Uiteraard vraag ik hem niet naar thema, opbouw of de drijfveren van de hoofdpersonen, dingen die volgens Thomas Rosenboom, en niet alleen volgens hem, essentieel zijn als je een lezer wil blijven boeien.
'nou bijvoorbeeld vorige week' zegt de meneer. 'ik was op dinsdagavond pas midden in de nacht terug uit Londen waar ik voor de zaak zat en heb woensdagochtend eerst mijn kinderen naar school gebracht en koffie gedronken met mijn vrouw. Toen ik daarna op kantoor kwam vroeg hij of ik een vrije ochtend had gehad. En dan dat lachje erbij, wat een eikel'.

Ik wil hem antwoorden dat het voor hem weliswaar een vervelend moment was, maar daarmee nog niet genoeg materiaal voor een boek. Hooguit voor een kleine anecdote op mijn blog. Maar ik zeg niks, pik zijn verhaal in en hoppa, hier leest u het ook. Ter geruststelling: het boek dat ik zelf aan het schrijven ben wordt uitgebreider.

zondag 1 maart 2009

'Actief herstel'


Als aspirant schrijver ben ik altijd alert op inspirerende teksten. Zo ook vanmorgen. Met mijn hartslag op 180 en de smaak van ontbijtresten die mijn maag wilden verlaten in mijn mond riep de spinning instructrice 'actief herstel!' door haar microfoontje. Dit was haar teken dat het beentempo omlaag mocht en de weerstandknop van de fiets linksom gedraaid. Ik vond het twee gewone woorden maar ook een schitterend paradoxaal klinkende combinatie, actief herstel. Ik had me niet besefd dat onze fitnessdame literair talent had. Een minuut geleden was ze nog aan het meezingen, haar favoriete nummer heet 'voodoo child'. Ze kan beter beter fietsen dan zingen maar beiden doet ze beter dan ik.

Ik bedacht dat ze bij de opleiding voor spinninginstructrice les krijgen uit een boek, geschreven door een schrijver met een grote geest en dat boek heet 'actief herstel'. Ik ga het kopen. De inhoud zal wel niet interessant zijn, ik vermoed dat het gaat over de afbraak van melkzuur in het lichaam, maar de titel is een roman waardig en zal een mooi plaatsje in mijn boekenkast krijgen.

Ik ging douchen, ik at een banaan en plofte uitgeput op de bank. Mijn lichamelijke activiteiten voor vandaag zaten erop. Actief herstel, zou er een mogelijkheid zijn die fantastische woorden in mijn boek op te nemen? In gedachten dwaalde ik door mijn manuscript. Ik werd onderbroken door A. 'De keuken is nog een zooitje en jij zit te niksen' zei ze.
'Niksen?' reageerde ik 'pas op, ik ben bezig met actief herstel'.