Op deze site schrijf ik over mijn persoonlijke belevenissen op weg naar mijn ultieme droom: een Roman uitbrengen. Je helpt me door te reageren en feedback te geven! --- Michiel Cobben ---
Posts tonen met het label schrijver worden tandarts. Alle posts tonen
Posts tonen met het label schrijver worden tandarts. Alle posts tonen
donderdag 2 september 2010
Soms ben je blij als je niks terug hoeft te zeggen
'Meneer Cobben, komt u binnen, hoe is het met de familie en hoe staat het met de tanden?'
Mijn tandarts, hedenochtend. Komt goed uit, ik sta dezer dagen in de luisterstand. Genoeg gekletst de laatste tijd.
'Ik ga nu een kapje over je tand zetten, waardoor ik schoner kan werken en waardoor de toch al beperkte communicatiemogelijkheden die we met elkaar hadden volledig zijn verdwenen' zo vertrouwde hij me ooit toe, vlak voordat hij met een wortelkanaalbehandeling begon.
De beperkte communicatiemiddelen beletten hem niet elke behandeling opnieuw er vrolijk op los te babbelen. Dat ik nergens anders naar kan luisteren en niets terug kan zeggen hindert hem niet. Hij is het zo gewend, hij weet niet beter. Zo ook deze morgen.
'Zet maar op marktplaats' zegt hij tegen zijn assistente die meedeelt dat er na de woensdagmiddag weer een kinderjasje aan de kapstok is overgebleven.
'In deze barre tijden weet je als tandarts niet waar je je inkomen vandaan moet halen. Binnenkort zet ik mijn kinderen op marktplaats, dat is twee vliegen in een klap, minder kosten en de verkoopopbrengst.'
Ik wil hem van repliek dienen, maar dat lijkt me vreemd. Stel dat ik de behandeling onderbreek, alle haakjes en beugeltjes uit mijn mond laat halen om dan te zeggen:
'daar krijg je spijt van, met de pensioenproblematiek voor de deur heb je ze straks nog hard nodig'.
Dus ik mummel wat en mummel nog wat, tot ik met een nieuwe vulling in mijn kies weer buiten sta. En de tandarts babbelt alweer rustig verder met de volgende patient. En ik kan weer door met luisteren.
vrijdag 4 december 2009
De beperkte communicatieve eigenschappen van een tandarts
In de straat woont mijn tandarts. Altijd handig zo'n man in de buurt. In tegenstelling tot mijn kinderen vind ik hem een vriendelijke kerel. Vorig jaar gaf hij me een wortelkanaalbehandeling. Hij plaatste een wijde trechter in mijn mond met onderin een gaatje waar de te behandelen tand doorheen stak.
'Zo' vroeg hij vervolgens. 'Gisteravond Pauw en Witteman gezien? Wat vind jij nou van die hele toestand?'
'Urgh, bmlw' antwoordde ik, maar zelfs dat hoorde hij niet, want het pompje dat mijn speeksel wegzoog sloeg aan.
'Aha' zei hij 'ja, ja, dat is een heel nieuw standpunt, interessant hoor. Ik zal je zeggen wat ik er van vind'. Er volgde een monoloog van een kwartier, de inhoud ben ik even kwijt.
Vandaag rijd ik langs zijn huis en ik zie hem in de middenberm staan in zijn tandartswitte pak. Hij laat zijn hond uit, een braaf beest met zulke lange oren dat het wel iets van een konijn wegheeft. Ik stop.
'Laat dat beest eens fatsoenlijk uit' zeg ik 'drie keer per dag naar het bos, ja!. En waar nu jouw hond poept spelen straks mijn kinderen'.
Hij kijkt me even aan en roept zijn hond. 'Tarzan, Kill!' roept hij en hij wijst me aan. Tarzan spreidt zijn poten en doet een plas.
'Hij luistert slecht' merk ik op.
'Ik zal hem eens een wortelkanaalbehandeling geven' zegt de tandarts 'dat wil nog wel eens helpen'.
Abonneren op:
Posts (Atom)

